Jaromír Typlt

Jaromír Typlt werd geboren in 1973 in Nová Paka in Noord-Tsjechië. Hij is de auteur van diverse dichtbundels, prozateksten en essays. Verder maakte hij cd’s waarin hij taal met klank confronteert. Zijn inspiratiebronnen vormen onder andere Griekse filosofie (Heraclitus), Chinese (Laozi) en het duistere spiritisme van eind negentiende/begin twintigste eeuw.

Hij is ook conservator en een groot bewonderaar van art brut, veelal autodidactische kunst van mensen aan de rand van de samenleving, voor wie hij diverse tentoonstellingen samenstelde. Van de cd’s werden het bekendst Škrábanice uit 2009 (Scribbles/Krabbels) en Zaškrábnutí (Scribble more/ Gekrab) uit 2019, beide in samenwerking met Michal Rataj. Hier zal hij vertegenwoordigd zijn met twee experimentele video’s: Kůra (Schors) en Vinice (homoniem: Wijngaard/Schuldige vrouw).

Zie verder: www.typlt.cz

Fragment B101

Twee zeepbellen met krijt gekrast
als een gevelsteen
in het pleisterwerk naast de deur:
hier woont waanzin.

Glimlachend komt hij me tegemoet, juist op de dag hij gek wordt.
Nog een paar stappen en de glimlach verdwijnt,
nooit van mijn leven heb ik iemand zo op slag zien versomberen,
met zijn hele gezicht instorten, zich kwijtraken
en blijven staren, de boel de boel laten
en met wijd geopende schrikogen toekijken
hoe het toeneemt,
onverbiddelijk toeneemt.
Totdat iemands stem hem bij de les brengt
en hem bij zijn naam noemt. Sinds de dood van zijn moeder woont František
alleen in het hele huis.

[…]

Jana Orlová

Jana Orlová (geboren in 1986 in Uherské Hradiště) is dichter, performance artiest en onderzoeker die vanuit uit Praag opereert. Haar theoretische en artistieke achtergrond stellen haar in staat om ook als curator en kunstcriticus te werken. Haar poëzie is in diverse talen vertaald, o.a. in het Chinees en Hindi. Ze heeft deelgenomen aan verschillende performance art events in heel Europa. In haar uitvoering is performance art levende poëzie en ze beschouwt haar lichaam als onderzoeksveld van een event, die ze ritualistisch en holistisch benadert. Karakteristiek voor haar werk is de combinatie van minimalistische vormen en rauwe statements. Op het Next Wave-festival in Praag kreeg ze in 2017 een prijs als iemand ‘die op lichtvoetige wijze de grenzen opzoekt tussen literatuur, visual art en theater’. Als onderzoekster richt ze zich op het onderscheid tussen performance art en theater.

In haar geschreven poëzie herkennen we enerzijds een dromerige wereld met surreële verwijzingen en anderzijds die bovengenoemde fysieke rauwheid, die grenst aan pornografie. Voor TSL 88 (dec. 2021) vertaalde ik enkele gedichten van haar.

Zie verder: www.janaorlova.cz


Ik borduur de maan

en slik groene bomen
De kachel brandt niet
de regen verergert
Ik schuif mijn haar weg
en kijk naar het pad
Dat in de donkerende akker vervaagt
Straks zal ik kraaien tegenkomen
Die iets uit me zullen wegpikken
Niets aan te doen
Ik keer terug in de kachel
en plant opnieuw
met een natte lucifer
niet-opgegroeide bomen.


(Uit de bundel Vuur snuiven, 2012)

tekst tekst tekst


Een kut is geen duiventil
een kut is ook geen bloem
een kut is een pentagram
waar ik iets in krabbel
aan de binnenkant


(Uit de bundel Ik hou van jou en Hornbach, 2021)